Extra handjes voor artsen met medical scribes

December 19, 2019 / BY / IN Mscribe

De medical scribe, een Amerikaans concept, lijkt over te waaien naar Nederland. Steeds meer zorginstellingen zetten medisch studenten in om zorgprofessionals administratief en organisatorisch werk uit handen te nemen. “We zijn maatjes geworden.”

Aanvankelijk heeft psychiater Renske Lonhard haar twijfels als ze hoort dat haar werkgever, GGZ Rivierduinen, een pilot gaat houden waarbij zes studenten psychologie als scribes (letterlijk: schrijvers) voor de psychiaters gaan werken. “Administratieve ondersteuning is meer dan welkom”, zegt Lonhard. “Nadat deze ondersteuning de afgelopen jaren is verminderd, terwijl de registratiedruk toenam, zit ik na mijn werkdag nog geregeld twee tot tweeënhalf uur administratie te doen. Maar een student die de hele dag met mij meeloopt; wat kan die allemaal doen en overnemen? Straks krijg ik er nog een taak bij, omdat ik de scribe steeds bij de hand moet nemen.”

Na een dag proefdraaien met een scribe is de psychiater om. “Je kunt de scribe voor veel meer dingen inzetten dan ik dacht en ‘mijn’ scribe Ellina Guijt is heel zelfstandig. Het enige is: je moet kunnen loslaten. Er zijn ook behandelaren die alles in eigen hand willen houden, die zeggen: zo zou ik het zelf nooit opschrijven. Dan werkt het niet.”

In juni van dit jaar maakt de psychiater kennis met scribe Ellina, laatstejaars psychologie, die in de zomer twee dagen in de week en sinds september één dag in de week voor Lonhard werkt. “Haar primaire taak is verslaglegging, maar inmiddels houdt Ellina zich ook bezig met agendavoering, het opvragen van medicatielijsten, het terugkoppelen naar de huisarts en het maken van concept-behandelplannen bij de intake. Ze is echt mijn personal assistant geworden. Ze houdt mijn to-do-list bij en zorgt voor structuur.”

Maatjes

Op de Rivierduinen-locatie in Leiden, waar Lonhard werkt, hebben de psychiaters een vaste scribe. Op de locatie in Alphen aan den Rijn kunnen alle behandelaren een beroep op een scribe doen als ze die nodig hebben. Lonhard: “Ik vind die vastigheid belangrijk. Je moet een klik hebben. Je moet maatjes worden. Elkaar op een bepaald moment aanvoelen.”

Arts en consultant Lodewijk Schmit Jongbloed, initiator van de pilot, kan zich die voorkeur voorstellen, maar weet dat ze in Alphen aan den Rijn ook enthousiast zijn. “Een van de scribes daar toont zich heel proactief. Bij de lunch vraagt ze aan de psychiaters: ‘Ik heb een uurtje over; voor wie kan ik nog wat doen?’ Wat het beste werkt, hangt van de personen en van de setting af. In de pilot proberen we dat uit.”

Schmit Jongbloed is warm pleitbezorger van de scribe. Uit zijn promotie-onderzoek naar de arbeidstevredenheid van artsen in Nederland, blijkt dat de administratielast negatief uitwerkt op die tevredenheid. Om die last te verminderen, adviseert hij medisch scribenten in te zetten. “Met initiatieven zoals (Ont)Regel de Zorg wordt geprobeerd wat te doen aan de regeldruk, maar er zijn ook administratieve taken die er gewoon bij horen. Een scribe kan veel van die taken overnemen, zodat de arts meer tijd heeft voor de patiënt. De patiënt krijgt de onverdeelde aandacht van de arts en de student oriënteert zich op de praktijk en leert veel. Win-win-win, dat blijkt ook in Amerika.”

In de VS is de scribe booming. Vier jaar geleden waren daar zo’n 10.000 scribes werkzaam. Volgend jaar verwacht men er 100.000. Maar ook in Nederland zijn inmiddels de nodige scribes actief, bijvoorbeeld op de kno-afdeling in ziekenhuis Rijnstate en bij Bergman Clinics.

In het Radboudumc ondersteunen derdejaarsstudenten geneeskunde al enkele jaren de aios interne geneeskunde tijdens avonddiensten op de SEH. Al heten ze daar geen scribes, maar stuarts, voluit: student-artsen. “Ze zien geen patiënten, maar houden alles bij wat er gebeurt, checken dbc’s, maken brieven, regelen opnames en dragen de diensttelefoon, waarbij ze triëren in urgentie”, vertelt Jacobien Hoogerwerf, internist acute geneeskunde, die het dienstproces coördineert.

Vooral dat laatste, triage van telefoontjes, roept de vraag op of studenten daar wel capabel voor zijn. “Stuarts worden uitgebreid ingewerkt en we hebben duidelijke werkafspraken. Ze noteren alle telefoontjes en betrekken de aios direct bij urgente zaken. Voor de introductie van de stuarts was het rennen op de spoed. Als je om de minuut gebeld wordt, kom je als aios niet toe aan patiënten. Nu is het behapbaar en kunnen we kwalitatief betere zorg leveren.”

Bron: Arts & Auto